Column: Ambitie

Voor Het Kontakt Harderwijk schrijf ik eens in de 2 weken een column. Harderwijk is sinds 2010 mijn woonplaats, en in deze column schrijf ik over die stad of de directe omgeving. Deze column verscheen op 30-05-2018. 

Politiek is vaak een combinatie van principes en woordspelletjes. Het begint meestal met het eerste, om te eindigen met het laatste. Zo bedacht de ChristenUnie tijdens de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen dat ze niet langer tégen koopzondagen in Harderwijk waren, maar: ‘niet vóór.’ Inmiddels weten we wat ze daarmee bedoelden: de winkels mogen straks 26 zondagen per jaar open. Dat is te lezen in het coalitieakkoord met op de kaft de deelnemende partijen Harderwijk Anders, VVD, CDA en dus de ChristenUnie. Maar meer nog dan het woordengegoochel over de koopzondagen verbaasde ik me over het motto van het akkoord: ‘Aanpakken met ambitie.’

Lekker bekkende titel, dacht ik nog in eerste instantie, met die allitererende A en sowieso – aanpakken: altijd goed. Files, criminaliteit, geluidsoverlast, ambitie; weg ermee, aanpakken die handel, bambambam! Of, wacht eens, ambitie hoort daar natuurlijk helemaal niet bij – dat moet je niet aanpakken, maar juist stimuleren. Waarna ik me afvroeg of het ook mogelijk is om iets aan te pakken zonder ambitie. Snelheidsovertredingen bijvoorbeeld. ‘Nou meneer, dit kan dus absoluut niet, u reed hier veel en veel te hard, dit soort overtredingen pakken wij keihard aan, en ooooh, ik heb ineens zó géén zin om een bon uit te gaan schrijven. Het is ineens helemaal weg. Al die moeite, dat geschrijf, weet u wat: laat ook maar.’

Goed, aanpakken mét ambitie dus. Waarbij het aanpakken nog wel lekker klinkt, een beetje als het politieke equivalent van het aanmoedigende ‘aanvalluh!’ langs de voetbalvelden. Maar dan die ambitie. Ik vermoed dat het team dat van de coach in de kleedkamer slechts de ambitie meekrijgt om te winnen niet heel glorieus het seizoen gaat eindigen. Het is meer een goed klinkend excuus voor een middelbare schooljongen die zijn proefwerk beneden de maat heeft gemaakt: maar meester, ik had wél de ambitie om de woordjes goed te leren.

Behalve die drie woorden op de kaft struikelde ik over nog iets: fijnstofvangers. Zoiets als bougievonken, plintentrapjes en compressiepoeder, met dat verschil dat fijnstofvangers wel degelijk bestaan. De coalitie wil er 65.000 euro voor uittrekken en er een aantal ophangen om de fijnstofvervuiling aan te pakken. Volgens Michiel van der Molen van Wageningen University Research heeft dat weinig zin: ‘Veel effect moet er niet van worden verwacht (…) Bij tunnels of een parkeergarage kun je misschien iets bereiken. Maar een weg is een open systeem, het waait alle kanten op. Je vangt misschien één, twee procent.’ Zoiets als een stofzuigerslang in je kamer ophangen en dan verwachten dat je kamer na een uurtje stofvrij is. Kortom: heel ambitieus. En zinloos ook. Ik wil er niet meteen een woordspelletje van maken, maar dit lijkt me fijn stof tot nadenken. Een goeie ambitie om mee te beginnen. Aanpakken kan altijd nog.