Column: Dol-fijn

Voor Het Kontakt Harderwijk schrijf ik eens in de 2 weken een column. Harderwijk is sinds 2010 mijn woonplaats, en in deze column schrijf ik over die stad of de directe omgeving. 

Als ik antwoord op de vraag waar ik woon, volgt in 99 van de 100 gevallen de volgende reactie: ‘o, bij het Dolfinarium!’ De enige andere associatie kwam ooit van een fervent Klokhuis-kijker, die moest denken aan een typetje dat Aart Staartjes daarin speelde; professor Alsvanouds. ‘Van de universiteit van Harderwijk!’ Maar dat was dan ook de enige die aan iets anders dacht. Blijkbaar zijn ze onlosmakelijk met elkaar verbonden, het Dolfinarium en Harderwijk. Zoiets als Alkmaar en kaas. Of Utrecht en haar domtoren. En Groningen en het feit dat er niets boven gaat.

Toen ik in Harderwijk kwam wonen bracht ik bij wijze van ludieke inburgeringscursus een bezoekje aan het Dolfinarium. Nu, zo’n 6 jaar later, wijdt ik mijn eerste column op deze plek aan hetzelfde park. Hebben we dat maar gehad. Want de kritiek groeit. Eerder deze maand stonden 70 actievoerders met spandoeken en vlaggen voor de ingang te protesteren. Taco Rietveld, woordvoerder van het Dolfinarium, stelde dat het voor de bezoekersaantallen niet veel uitmaakte. Ik moet de eerste ouders ook nog tegenkomen die voor de ingang tegen hun kroost durven zeggen: ‘jongens, terug naar de auto, papa en mama hebben zich bedacht, bij nader inzien lijden die dolfijnen enorm, we gaan toch een lesje moderne kunstgeschiedenis doen in het CoBra museum in Amstelveen.’

Dat is ook de pest van die beesten: de eeuwige smile op die dolfijnenkop. Daardoor lijken ze het allemaal hartstikke leuk te vinden. Maar dat is slechts schijn, stellen de actievoerders. Zo zouden er zelfs dolfijnen in gevangenschap zijn geweest die zelfmoord pleegden door te stoppen met ademen. Dat lijkt me net zo onwaarschijnlijk als een dolfijn die besluit veganist te worden om de haringstand op peil te houden. Aan de andere kant: de stelling van het Dolfinarium dat de beesten in gevangenschap zijn geboren en dus niet beter weten, is me ook wat te simplistisch.

Er is één argument waar ik wel gevoelig voor ben. Helaas voor het Dolfinarium is die afkomstig uit het tegen-kamp. Want is een dolfinarium niet meer dan een circus, maar dan in het water? Een veel te krappe omgeving waarin dieren kunstjes doen in ruil voor eten? Zelfs de koepel van het Dolfinarium waar de dolfijnenshows worden gehouden lijkt met een beetje fantasie op een circustent. Inmiddels zijn we het erover eens dat wilde dieren niet meer mogen optreden in een circus. Het kabinet stemde in 2015 in met dat verbod. Over dolfinaria werd met geen woord gerept. Lokaal zal er al helemaal niemand zijn vingers aan durven branden; het Dolfinarium is immers een grote kurk waar de stad op drijft.

Dan gooi ik zelf maar een steen in het bassin. We ruilen het Dolfinarium in voor een universiteit. En beginnen er een faculteit zoölogie. Dol-fijn idee, niet?