Into the Groef: Love sick

Bob-Dylan-Love-Sick-101642Into the Groef is een maandelijkse column voor de website nieuweplaat.nl. Deze column werd gepubliceerd in oktober 2013.

30 en 31 oktober is hij er weer, en ben ik er ook. Zij ook trouwens. Want zij is er altijd. Hoe ze heet weet ik niet, waar ze vandaan komt evenmin. Maar altijd, rond een uur of 5, duikt ze op bij de ingang. Ze heeft een A4tje in haar hand, folie er omheen tegen de regen, met viltstift staat erop geschreven: Please, I need a free ticket. Ik ga mijn kaartje niet afstaan. En al helemaal niet voor niks. Niet nu ik dat hele end heb afgelegd naar Brussel, Braunschweig, Gelsenkirchen of Glasgow. En ook nu niet, nu ik in Amsterdam ben.

Ja, al deze plaatsen heb ik bezocht, enkel en alleen omdat hij er was. En elke keer was zij er ook. Maar ik heb een kaartje en zij niet. Als het concert goed en wel op gang is, voel je een half uurtje na aanvang wat gepor in de rug. De massa wijkt uiteen, onder gemor en soms luid protest, en dan zie je wie zich met vakkundig ellenbogenwerk een plekje naar voren weet te dringen: de dame die zoëven nog zonder kaartje bij de ingang stond. Hoe doet ze dat toch. Wie laat haar steeds binnen. Hoe komt ze zonder geld in de volgende plaats. Waar haalt ze de tijd vandaan. Moet ze niet, net als ik, morgen weer werken? Het zijn de gedachten die in een flits door me heen schieten als ik haar zie, maar ze is alweer verdwenen. Binnen een mum van tijd staat ze vooraan en schreeuwt, hoorbaar op de plek waar ik sta, I LOVE YOU BAAB!

O ja. Bob Dylan. Ik had nog niet gezegd dat het over Bob Dylan gaat. Leeft die dan nog? Ja. Maar die is ondertussen wel bejaard dan zeker? Ja. En treedt hij nog steeds op? Ja. En daar ga je heen? Ja. Twee keer zelfs? Ja. Waarom?

Ja. Waarom. Daar probeer ik al 15 jaar antwoord op te vinden. Het was begin 1998 en ik had gelezen dat Time out of mind een Grammy had gewonnen voor het beste album van het jaar. Tuurlijk, ik kende hem wel uit de muziekboekjes, waar vast zoiets in stond als protestzanger en anti-oorlogsliedjes en Blowin’ in the wind. Maar dat was het dan wel. Ik zat in de vierde van de middelbare school, luisterde naar de top 40 en op mijn walkman draaide 2 Unlimited. Maar ergens wist ik dat er meer moest zijn tussen hemel en aarde, en dus stapte ik op een druilerige dag de platenzaak binnen om gewoon eens te luisteren. De cd ging in de speler en vanaf de eerste noten bevond ik me in een ander universum. Ik hoorde een krakende stem. De begeleiding was sober. De tekst koud en afgemeten. I’m sick of love that I’m in the thick of it. This kind of love, I’m so sick of it. Daar stond ik dan, als 16-jarig jochie, met m’n eerste liefdesverdriet en deze man, die m’n opa had kunnen zijn, verwoord precies wat ik voel. Ik slik en spoel snel door naar een volgend nummer. En nog een nummer. Bij Make you feel my love krijg ik het bijna te kwaad. De romantische versie waarmee de zoetgevooisde Adele een wereldhit heeft kent dan nog niemand; dit is de rauwe variant van een zuchtende zanger en de wanhoop van iemand die alles wil doen om haar terug te winnen, maar het is te laat.

Ik druk nog voor het einde van het nummer op stop, zeg tegen de man achter de kassa dat ik ‘m wil kopen, loop half verdwaasd naar buiten en fiets met mijn hoofd vol naar huis.

Vanaf dat moment is de liefde een feit. Koop ik langzaam maar zeker alles wat los en vast zit. Ook de albums die de moeite van beluistering nauwelijks waard zijn. Glimlach ik als hij tijdens een concert boos naar zijn begeleidingsband kijkt terwijl hij zelf het verkeerde akkoord aan slaat, vergeef ik het hem als hij zijn tekst even vergeet en neem ik op de koop toe dat elk jaar zijn stem weer een halve octaaf daalt.

Je eerste liefde blijft je altijd bij.

  1. ik ken inmiddels de waarheid van de dame die altijd om een vrijkaartje vraagt, ze reist met een oudere man met rugzak en die heeft altijd een kaartje voor haar naar het schijnt , hij blijft buiten, let maar eens op bij een volgend concert dan zie je ze als je op tijd bent beide , the old man and the girl, maar of dit verhaal klopt wat ik me heb laten aanpraten door een vrouw van begin vijftig die mij weer kon verzekeren met Bob Dylan koffie te hebben gedronken ergens in Frankrijk?